Osmose of niet?

Door Nora Schram

Het probleem

In februari 1998 kochten wij de Buizerd (toen nog Lady Bess genaamd), een 18 jaar oude Taling 32 ST. Het is een polyester S-spant met een romplengte van plm. 9,10 m. Toen we het schip op de wal zagen was het onderwaterschip volkomen gaaf en strak. Het ANWB rapport vermeldde dat de vochtigheidsgraad van de romp "matig" was, andere aspecten van het onderwaterschip werden als G(oed) of R(uim voldoende) beoordeeld. Verder gaf het rapport aan dat het schip een osmosebehandeling had gehad.

Na één seizoen varen werd het schip in oktober 1998 op de kant gezet voor de winterstalling. Op dat moment werd direct duidelijk dat er problemen waren met het onderwaterschip: er was een behoorlijk aantal grotere en kleinere blaasjes ontstaan. Onder de rode antifouling zat een witte laag. De meeste blaasjes gingen niet verder dan tot die witte laag en ze waren niet met vocht gevuld. Een paar gingen dieper. Eén daarvan hebben we opengemaakt, en daar kwam inderdaad wat zurig ruikend vocht uit.

Omdat het schip zo recent gekeurd was, bleek een expert van de ANWB keuringsdienst bereid om het schip nog eens te komen bekijken. Hij constateerde een veel te hoog vochtgehalte van de romp. Een destructieve test gaf aan dat het schip ooit was geschild en behandeld met een twee-componentensysteem, met een krap voldoende laagdikte. Van osmose kon men niet spreken omdat er geen gelcoat meer op zat.

Zijn advies was om het schip kaal te halen, het te laten drogen en er een nieuw 2-componenten epoxy-systeem op te zetten. Als het schip in het voorjaar niet voldoende droog was, kon als alternatief een "ademend" 1-component systeem worden gebruikt, maar dan moest het schip wel elke winter op de wal worden gestald.

Voor deze klus werden twee offertes gevraagd. Uiteindelijk bleek het aanbod van de eigen jachthaven het voordeligste, ook al omdat er dan geen extra stallingskosten verschuldigd waren. We gaven de opdracht het schip zo snel mogelijk kaal te maken en vertrokken voor een maand naar Australië.

Dit besluit werd mede ingegeven door het feit dat de vorige eigenaar weigerde gegevens te verschaffen over de uitgevoerde osmose-behandeling. Volgens zijn zeggen was het 5 à 6 jaar geleden gebeurd, maar hij kon zich niet meer herinneren wie de werkzaamheden had uitgevoerd of welk verfsysteem was gebruikt. Tamelijk onwaarschijnlijk als men bedenkt dat hij er vele duizenden guldens voor betaald moet hebben.

Op zoek naar informatie

Toen we terug kwamen, was het onderwaterschip inderdaad kaal. Het laminaat zag er volkomen gaaf uit: geen vochtkringen of delaminatie. Maar in februari al bleek dat er weinig vooruitgang zat in het drogen van de romp. Met tussenpozen van enkele weken werd er gemeten, maar de oppervlakte-vochtmeter sloeg op de meeste plaatsen nog uit tot in het rode gedeelte. De exacte waarden zijn niet genoteerd.

Begin april 1999 kwam de ANWB-expert weer langs, en constateerde ook dat het onderwaterschip nog te vochtig was om met epoxy behandeld te worden. Hij noemde nu de naam van een product: Primocom van International als alternatief voor de epoxybehandeling.

Op dat moment begonnen we met het verzamelen van zoveel mogelijk opinies en adviezen. We zetten er een paar op een rijtje:

  • Het schip zal waarschijnlijk over een jaar voldoende droog zijn (2 x).
  • Er is geen enkele zekerheid dat het schip over een jaar voldoende droog is (2 x).
  • Plaatsen in een verwarmde loods versnelt het droogproces niet (3 x).
  • Plaatsen in een verwarmde loods versnelt het droogproces wel (2 x).
  • Als het schip met het huidige vochtgehalte in de epoxy wordt gezet zal er spoedig weer blaarvorming optreden (3 x).
  • Het was niet nodig geweest het oude systeem te verwijderen (1 x).
  • Primocom 3 van International is een goed alternatief voor een epoxy-systeem, ook bij een romp met een hoog vochtgehalte (2 x).
  • Primocom 3 kan worden gebruikt als noodoplossing als de romp na anderhalf jaar nog niet droog genoeg is (1 x).
  • Gebruik van Primocom 3 op polyester is beslist af te raden, o.a. omdat het nooit meer volledig van de romp is te verwijderen zoals epoxy (1 x).

Verdere informatie kwam van Internet (o.a. www.yachtsurvey.com). Hierbij vele vragen en "horror stories", maar weinig informatie over succesvolle anti-osmose behandelingen. Wel vonden we een aantal interessante complot-theorieën, zoals:

  • Het schillen van een boot met lichte osmoseverschijnselen doet de romp meer kwaad dan goed, en is alleen voordelig voor de jachtwerven.
  • De fabrikanten van kunstharsen verlengen bewust de houdbaarheid van hun produkten door er te veel oplosmiddelen aan toe te voegen. Deze blijven vrij in het laminaat zitten en zorgen voor hydrolyse.
  • Eigenaren die hun boot te koop aanbieden zijn zelden bereid informatie te geven over uitgevoerde reparaties aan het onderwaterschip.

Een werkelijk wetenschappelijke benadering van het probleem was niet te vinden, er worden veel stellingen geponeerd, maar bewijzen en statistieken ontbreken. In Nederland is volgens TNO de laatste 10 jaar geen wetenschappelijk onderzoek op dit gebied meer gedaan. Alleen de juistheid van de derde stelling hebben we zelf ondervonden...

De enige echte follow-up vonden we in Waterkampioen 3-1999, waarbij de resultaten van de osmosebehandeling van de redactieboot Loeff werden uiteengezet. Maar ook dat was weer geen vergelijkbaar geval, omdat daar wel degelijk sprake was geweest van een aangetast laminaat.

De beslissing

In april hebben we de boot in een loods laten zetten om een paar andere verfklussen op te knappen. Direct daarna en 14 dagen later hebben we vochtmetingen (met een Tramex Skipper) uitgevoerd op vaste punten op het onderwaterschip. Daarbij vielen de volgende bijzonderheden op:

  • Op de romp boven de waterlijn sloeg de meter niet uit.
  • Direct daaronder op het kale laminaat sloeg de meter soms maximaal uit.
  • Er was een groot verschil tussen plaatsen die vlak naast elkaar lagen.
  • Er was geen verschil tussen het eerste en de laatste stel metingen.

Door deze uitkomsten waren we al tot de conclusie gekomen dat de meter niet het vochtgehalte van de romp aangaf en dat we zonder veel risico een nieuw epoxy-systeem konden laten aanbrengen.

Toevallig maakte één van onze e-mail vrienden ons attent op het bedrijf HYAB International in Naarden. Dit bedrijf heeft een gepatenteerde methode ontwikkeld om zonder lange droogtijden eens en vooral af te rekenen met osmose. Hun verhaal was het eerste dat op ons logisch overkwam, dus vroegen we of zij ook een expertise konden uitvoeren. Dat kon gelukkig op korte termijn. De (Zweedse) uitvinder van de methode, de heer Blomberg, boorde eigenhandig een gat van plm. 2 cm diameter dwars door de boot op de plaats met de hoogste vochtmeting. Er was geen enkele delaminatie te zien en er waren alleen wat lichte sporen van zuur op de oppervlakte van het laminaat te vinden. De hoge "vocht"metingen werden vermoedelijk veroorzaakt door een zachte coating onder de waterlijn aan de binnenkant van de romp.

We kregen een prachtig rapport met (digitale) foto's. Met de lichtste vorm van hun behandeling hadden we iedere kans op verdere problemen kunnen voorkomen, maar uiteindelijk hebben we om diverse redenen (tijd en budget!) toch gekozen voor een conventionele epoxy-behandeling door onze eigen jachthaven. De tijd zal moeten uitwijzen of deze beslissing de juiste is geweest.

Conclusie

Onze voornaamste conclusie is onvermijdelijk dat er een hoop fabeltjes over osmose in omloop zijn, en dat een wetenschappelijke onderbouwing meestal ontbreekt. In de meeste gevallen doet men maar wat en wacht af wat het resultaat is. Ook de "experts" weten veel te weinig van de ingewikkelde chemische processen die in het polyester plaatsvinden om een zinnig advies te kunnen geven.

In ieder geval hebben we de volgende adviezen voor iedereen die tobt met osmose-gerelateerde problemen:

  • Raak niet in paniek als u een enkel blaasje op het onderwaterschip aantreft of geconfronteerd wordt met hoge "vocht"metingen. Alleen door nader (destructief) onderzoek is aan te tonen wat er precies aan de hand is. Ook het feit alleen dat het schip "droog" is geeft geen garantie voor een goed resultaat van de osmosebehandeling.
  • Zorg er zelf voor dat de "vocht"metingen op een representatieve manier gebeuren en dat de resultaten worden vastgelegd. Uit het verloop kunnen ook bepaalde conclusies worden getrokken (b.v. dat er geen relatie is met het werkelijke vochtgehalte van het laminaat).
  • Als u een polyester schip koopt vraag dan of er een osmosebehandeling heeft plaatsgevonden, wat precies de reden daarvan was en door wie is de behandeling is uitgevoerd. Wij dachten dat er een osmose-preventie-behandeling werd bedoeld, zoals we die zelf op onze vorige boot hadden laten uitvoeren en dat is natuurlijk iets heel anders.

Als u er niet uit komt, dan kan ik echt aanraden eens met HYAB te gaan praten. Hun telefoonnummer is 035 - 678 24 89. Op hun website (www.hyab-osmocure.com) staat een grote hoeveelheid informatie en er is ook schriftelijke documentatie voorhanden. De surveys zijn niet gratis (wij betaalden fl. 170,--). Maar dat hadden we graag voor onze gemoedsrust over. En de Buizerd zal als u dit leest waarschijnlijk weer varen!


NIEUWS

Lees ook het Kort Planologisch Nieuws in de rubriek Planologie

Lees meer over het Lustrum weekend